Paulo brengt kinderen in beweging
Samen met collega's en vrijwilligers is Paulo (60) al ruim zestien jaar een van de drijvende krachten achter Speelcentrum Weena. Hij brengt niet alleen kinderen in beweging, maar begeleidt ook nieuwe vrijwilligers. Want ook vrijwilligerswerk vraagt om kennis en ervaring. Nieuwe vrijwilligers leren hoe ze op een leuke, veilige en verantwoorde manier met groepen kinderen kunnen werken. Paulo vertelt daar met zichtbaar enthousiasme over.
Paulo groeide grotendeels op in Rotterdam en heeft Kaapverdische roots. Sport speelt al zijn hele leven een belangrijke rol. Hij vertelt: “Voetbal is mijn eerste liefde en op de tweede plek komt turnen.” Wat later een mooie basis blijkt voor het breakdancen dat hij 30 jaar tot op wedstrijdniveau in binnen- en buitenland gedaan heeft zowel in groepsverband als solo.
"Kinderen zien mij als een van hen."
Dat Paulo altijd actief is gebleven, is allesbehalve vanzelfsprekend. Op jonge leeftijd raakte hij ernstig geblesseerd aan zijn knie. Door een fout in de behandeling hield hij een blijvende beperking over. “Ik heb mezelf leren lopen, rennen en fietsen. De dokter zei dat kan niet, want je hebt geen knie. Maar ik zei dat ik het wel kon. En nee, niet op een driewieler, maar op twee wielen! Ik heb de artsen echt verbaasd.”
Nog voordat hij bij Speelcentrum Weena terechtkwam, werkte Paulo al met mensen met een beperking en was hij actief bij verschillende jongerenorganisaties. "Ik ben een kleine magneet voor kinderen," zegt hij lachend. "Toen ik zelf al achttien was, kwamen jongere kinderen me nog ophalen om te spelen. Door mijn knieletsel heb ik een korter been en zie ik er wat kleiner uit. Kinderen zien mij als een van hen. Ze wilden altijd voetballen, tikkertje spelen of verstoppertje doen. Ik was een soort superheld voor ze. Ik kon breakdancen, sporten, fietsen en salto's maken." Die natuurlijke klik met kinderen bracht hem uiteindelijk in het jongerenwerk terecht. Hij gaf onder andere breakdance lessen en ontdekte hoe leuk hij het vond om jongeren te begeleiden.
Bij Speelcentrum Weena is Paulo sport en spel medewerker. Hij zorgt ervoor dat kinderen beweging krijgen. Dit om obesitas tegen te gaan en kinderen van de mobieltjes af te krijgen. "Ik organiseer allerlei activiteiten voor de kinderen. Zo probeer ik ze meer te laten bewegen en minder achter hun telefoon te laten zitten. Daarnaast begeleid ik nieuwe vrijwilligers. Niet iedereen is gewend om met kinderen of grote groepen te werken."
De connectie met de kinderen is voor Paulo zelf het belangrijkste, maar dat levert soms ook moeilijke momenten op. "Het afscheid nemen is soms lastig. Wanneer kinderen naar de middelbare school gaan, mogen ze niet meer in de speeltuin spelen. Ze kunnen vaak terecht bij andere organisaties, maar sommige kinderen zijn daar nog niet helemaal klaar voor."
"Het mooiste is om kinderen te zien opgroeien en later met hun eigen kinderen terug te zien komen."
Het mooiste aan dit werk vind Paulo dat hij kinderen van de straat de speeltuin in heeft gekregen en op zien groeien tot volwassen mannen. “Ze hebben nu zelf kinderen en komen met de volgende generatie in de speeltuin.
Op de vraag wat Paulo tegen toekomstige vrijwilligers over de Speelcentrum Weena wil zeggen, antwoord hij: “Hoe open de speeltuin is voor iedereen, maakt niet uit welke kleur, ras of geloof je hebt. We zijn een open plek voor iedereen. Met alle kinderen die ons ontdekt hebben de afgelopen jaren, hebben we dit opgebouwd. Zonder die kinderen is de speeltuin een waardeloze plek, dus samen met al deze kinderen met al hun kleuren, creativiteit en speelplezier hebben we iets heel moois gemaakt zowel in de zomer als in de winter. Er gebeuren mooie dingen in de speeltuin en dit kan niet gebeuren als wij geen vrijwilligers hebben. Met zijn allen doen we alles voor de kinderen om hen in het zonnetje te zetten.”

Meer weten?
Wil jij graag met kinderen werken én hen in beweging brengen?
Meld je dan aan als vrijwilliger en ontdek wat het beste bij jou past.
Rolf en Wim zijn onmisbaar
Op donderdagen zijn Rolf en Wim samen te vinden bij de historische motor van de Bolnes in het Maritiem Museum. Daar ontvangen ze bezoekers en vertellen ze over de techniek en verhalen achter de scheepvaart. Inmiddels werken ze op die vaste dag als duo samen, al zijn ze allebei op een ander moment en via verschillende wegen als vrijwilliger binnen gekomen.Â
Lees het verhaal